Van de regen in de drup

Het regende en het regende, het was ongelooflijk hoeveel er uit de lucht kwam vallen!

Ik hoopte natuurlijk dat het nog droog zou worden maar eigenlijk wist ik het al: het werd niet droog. En al zou het per ongeluk toch stoppen met regenen, dan leek het alsnog meer een zwembad dan een paddock, daar tussen de paarden. Dus toen Nathalie kwam aanrijden met de jongeren riep ik nog even of ze ook zo’n zin hadden om de auto uit te komen (neeeee!) en vervolgens stelde ik voor om een droog plekje op te zoeken. La Place, zei ik, dat is een soort restaurant. Daar gooide ik grote ogen mee. Wauw, een restaurant! Daar hadden de dames wel oren naar. De heer hield zich stil, had wat langer schakeltijd nodig.

Natuurlijk gaan we niet zomaar een beetje koffieleuten en dus scharrelden we onder de bomen, op zoek naar natuurlijke producten die bruikbaar zouden zijn voor een knutselwerkje. Lukas deed goed zijn best en kwam met allerlei eikeltjes terug. Hem gaf ik de opdracht om ook nog wat andere dingen te vinden.  Tabitha deed precies dat verzamelen waarvan ik had gezegd dat ik het niet in de tas wilde: flesjes, blikjes, dopjes.. en nog net op tijd kon ik haar manen om die plastic handschoenen NIET op te pakken. Heleen nam de tijd en de ruimte om allemaal verschillende en mooie takjes, bloemetjes, nootjes en blaadjes te verzamelen.

Met een tas vol liepen we de La Place in en we namen plaats aan de grote tafel. Er werd wat verrast gekeken door de andere bezoekers toen ik de tas met  ‘natuurproducten’ op de tafel leegschudde. De jongeren mochten iets maken op papier met behulp van de verzamelde spullen. Hier ging het dus om creativiteit, uit je hoofd komen èn delen. Want wat als A het blaadje wilde dat B gevonden had? Dat bleek overigens geen enkel probleem.

Na de pauze (met daarin een frisdrank naar keuze naar keuze van de La Place, waar ze bijzonder blij van werden) las ik voor en werd er getekend. Het boek ging over Superkrachten voor je hoofd (van Wouter de Jong) en wij namen het eerste deel, over Netflixen door.  (ja ja, Netflixen in je hoofd)

Uiteindelijk sloten we rond 1120h af, al lopend naar de auto stelde ik de jongeren mijn vaste 4 vragen. Wat vond je het minste leuk? “Dat we de paarden niet zagen”, zei Lukas. En wat vond je het moeilijkste? “Het verzamelen van het materiaal”, liet Heleen weten. En wat vond je het leukste? Tabitha begon te stralen : “dat we in een echt restaurant zijn geweest!”

Geef een antwoord